abonneer nu
Human Interest

Luchtpost: Oud-havenmeester vliegveld Hoogeveen lokaliseert wrak

Geplaatst op dinsdag 21 augustus 2018 11:23
  • 'Nadat de Neptune los was gekomen van de baan won het toestel gelukkig wat hoogte en miste zo op een haar na enkele wat hogere gebouwen in Katwijk.' © Fotomontage Gerrit Boxem

pinterestmail

Hoogeveen - In Luchtpost vertelt Gerrit Boxem elke week een bijzonder luchtvaartverhaal. Deze week schrijft hij over wespen die een behoorlijke plaag kunnen zijn tijdens vluchten. Vliegtuigkapingen blijvend probleem in de luchtvaartwereld

Ongetwijfeld heeft u gelezen hoe een medewerker van Alaska Airlines een leeg passagiersvliegtuig heeft gekaapt en daar niet veel later mee is gecrasht op een eiland. Behalve de medewerker, die 29 jaar oud was, was er niemand anders aan boord van het vliegtuig.

Achtervolging door de lucht

De politie van Tacoma gaat ervan uit dat het gaat om zelfmoord. De achtervolging van het vliegtuig werd ingezet door twee jachtvliegtuigen, die ervoor moesten zorgen dat de piloot wegbleef bij gevaarlijke plaatsen. Niemand op de grond raakte gewond. Op videobeelden was te zien hoe de man wilde manoeuvres uithaalde voor hij uiteindelijk neerstortte. In gesprek met de luchtverkeersleiding, die hem probeerde te laten landen, riep de man dat er ‘een schroefje bij hem loszat’.

Dit nieuwsbericht deed me denken aan een soortgelijk voorval dat zich afspeelde in 1965 op de toenmalige vliegbasis Valkenburg, vlakbij Katwijk aan Zee.

Valkenburg was centrum van reddingacties

Van 1953 tot 1988 was de vliegbasis Valkenburg het centrum van waaruit de vele reddingsacties boven zee werden geleid; reddingsacties die het Marine vliegveld vaak in positieve zin op de voorpagina’s van de kranten deed verschijnen. Ook voorpagina nieuws, maar dan helaas niet in positieve zin, was de vliegbasis Valkenburg op 23 januari 1965 toen een Lockheed ‘Neptune’ patrouillevliegtuig van de Marine door twee jonge vliegtuigmakers op Valkenburg werd gekaapt en na een korte vlucht voor de kust van Katwijk in zee stortte. De 21-jarige F.J.P.M. Bolk uit Brunssum en de 21-jarige H.J. van Oostende uit Ooltgensplaat dachten na het drinken van enkele biertjes wel even een stukje met een Neptune te kunnen vliegen. Ze hadden de wacht misleid door te beweren dat ze het vliegtuig gereed moesten maken voor een alarm van de Opsporings-en Reddingsdienst. Normaal duurde de opstartprocedure van een Neptune 45 minuten. In noodgevallen kon dat worden ingekort tot 30 minuten, maar de beide vliegtuigmakers taxieden al na vier minuten naar de startbaan. Nadat de Neptune los was gekomen van de baan won het toestel gelukkig wat hoogte en miste zo op een haar na enkele wat hogere gebouwen in Katwijk. Volgens ooggetuigen had het toestel de lichten in de cockpit, alsmede de schijnwerpers aan. De ‘212’ maakte daarna een flauwe linkerbocht, waarbij de beide inzittenden gedesoriënteerd raakten en met het vliegtuig op enkele kilometers uit de kust om twaalf uur ’s nachts in zee stortten.

Cor Cruijff

De latere havenmeester van het vliegveld Hoogeveen, de vorig jaar overleden Cor Cruijff, was als marine vlieger nauw betrokken bij de afwikkeling van het hierboven beschreven incident. De dag na de crash kreeg Cruijff opdracht met behulp van opsporingsapparatuur aan boord van zijn Tracker-onderzeebootbestrijdingsvliegtuig het wrak van de Neptune te lokaliseren. Cruijff: ‘Er was enorm veel publiek op het strand van Katwijk aanwezig toen ik met mijn Tracker op zoek ging naar het wrak. Cirkels vliegend boven de plaats waar de ligging van het wrak werd verondersteld, kwam ik telkens even boven het strand en vloog daarbij laag over het publiek dat zo’n gratis vliegshow overigens best kon waarderen. Op een gegeven moment zag mijn operator de meter uitslaan ten teken dat het aardmagnetische veld werd verstoord door een groot ijzeren voorwerp. Nadat de plek was gemarkeerd met een rookkaars, was een duikteam snel ter plekke. Het bleek echter niet de Neptune, maar een Duitse Junkers uit de Tweede Wereldoorlog te zijn. Verder zoeken dan maar. Even later sloeg de meter weer uit en ditmaal was het wel raak. We hadden nu het wrak, maar van de beide inzittenden was geen spoor te bekennen. Die waren op het moment dat het vliegtuig met een enorme klap met het wateroppervlak in aanraking kwam blijkbaar uit het vliegtuig geslingerd en door de stroom meegevoerd. Enkele dagen later spoelden de lichamen van de beide mannen aan bij de Pier in Scheveningen. Uiteraard werden er door de Marineleiding direct maatregelen genomen om een herhaling van het gebeuren te voorkomen. Zo kwamen er hangsloten op de wielen van de Neptune van de Opsporings- en reddingsdienst en moest de officier van de wacht voortaan in een tentje bij het vliegtuig overnachten. Zoals het meestal gaat met dit soort zaken werden die maatregelen naarmate de tijd verstreek weer versoepeld.’

Theo van Eijck vloog naar Egypte

Een andere kaping van een Nederlands marinevliegtuig die de voorpagina’s haalde vond plaats op zaterdag 7 maart 1964. Vliegtuigmonteur Theo van Eijck zag op die dag zijn kans schoon om tijdens een oefening van zijn squadron op Malta een marinevliegtuig te kapen en daarmee naar Egypte te vliegen. Aan de Engelse schildwacht aldaar vertelde hij dat hij de motoren moest testen. De man hielp hem mee om het toestel uit de hangar te slepen. Theo klom vervolgens in de Tracker en startte de motoren. De schildwacht begon argwaan te krijgen toen de Hollander de machine in beweging zette, want die handeling was in geen enkele draaiboek voor het proefdraaien van motoren opgenomen. Toen de vliegtuigmaker snelheid begon te maken, rende de wacht achter hem aan, maar hij was niet opgewassen tegen de sterke propellerwind. Snel werd de afstand tussen wacht en Tracker groter. Ondertussen hadden de mensen in de verkeerstoren de Tracker opgemerkt die naar de startbaan taxiede, maar Theo reageerde niet op hun oproepen om naam, bestemming en vluchtplan te geven. Hij had het te druk. De dertien meter lange Grumman Tracker die normaal een minimale bezetting telde van twee personen, moest hij helemaal in z’n eentje de lucht in zien te krijgen. Om twee achtervolgende vliegtuigen van de Britse marine van zich af te kunnen schudden, moest de Brabantse vliegtuigmaker enkele keren van koers veranderen met als gevolg dat hij op een gegeven moment te weinig brandstof overhield om Egypte te kunnen halen. Uiteindelijk landde hij op het vliegveld van Benghazi in Libië waar hij werd gearresteerd en aan Nederland uitgeleverd.

whatsappTip de redactie via WhatsApp! Voeg 'Hoogeveensche Courant' toe als contact in uw telefoon, 06-5751 5176, en stuur ons uw tips, foto’s en video’s.
DOSSIERS dossiers